Gisteren 18/7 zijn we met zijn drie (Dago, Frank, Paul) gaan verder graven in de Fagnoules, en wel in de tochtige galerij die onze laatste hoop is (was?) om de sifon 8 voorbij te geraken.
Het was de derde maal dat hier werd gegraven, onze voorgangers waren een meter of 5-6 opgeschoten in deze gang die tot op 15 cm van het plafond met zand is opgevuld, en waaruit nu en dan een uitnodigende frisse bries gewaaid komt. Voorbode van een groot vervolg?
Ieder groef exact een uur, terwijl de twee anderen de zware bakken wegsleurden. De lucht in het gangetje was niet bijster goed (veel CO2 allicht), en de neopreenpakken bleken niet bevorderlijk voor het op de exacte temperatuur houden van het menselijk lichaam. Dago kreeg het wreed warm en benauwd en lag als een vis naar lucht te happen. Dus striptease-sessie en de duikvesten vlogen gezwind aan de kant. Echter dat volstond nog niet, Dago's wijzertje bleef in het rood staan.
Intussen was Frank erin geslaagd, na een soort schokkerige buiklig in de rivier, om een handschoen kwijt te spelen die door de S8 gretig werd opgeslokt. Het ware doel van zijn rivier-verkrachtingspoging, nl. de modder uit de geblokkeerde rits van zijn neopreenpak te spoelen, bleek echter een fiasco. Kortom: ambiance!
Nadat 3 uur graven, waren we zowat 2,5 m opgeschoten. We kregen wat zicht op het vervolg: nog 2m50 en dan leek het hoger te worden!
Ik veranderde van graaftechniek, groef nog slechts half zo diep als voorheen en trok alle registers open. Op deze manier geraakte ik op een uur 2 meter verder, en dan werd zelfs geopteerd om het zand gewoon achter mij te gooien en niet meer met bakken weg te werken. Even later kon ik me door de lage opening wurmen. Het werd groter, ik kroop op handen en voeten een meter of 5-6 flink stijgend, en dan draaide het haaks naar links en ik zag... een groot vervolg.
Wachten dus op de anderen... wat zouden we ontdekken?
Frank was er direct, Dago wat later en die bleef amechtig naar lucht liggen happen aan het begin van de "grote galerij". Zie de foto hieronder met als ondertitel " de bijna-dood ervaring".
Enfin, nadat iedereen weer op de juiste temperatuur, hartslag en zuurstofpeil was geraakt, kreeg Dago de eer het vervolg te verkennen. Dit kon niet mislopen (galerij 2 m hoog, 1m50 breed!) maar toch wel: 8 meter verder versperde een grote druipsteencoulée heel de gang. Geen doorkomen aan. Verdammt!
Gelukkig was er nog een kans: in de linkerbocht vertrok een dalend meandertje. Eerst deed Frank een poging, tot aan een nauwe S-bocht, daarna ik. Ik geraakt een meter of 7 ver, na twee ruggekrakers van bochten, met halte voor een derde. Loopt door, maar hier moet eens eerst een smallere rat inkruipen vooraleer we hier de zware middelen inzetten. 't Is nochtans de enige kans, de tocht moet ergens vandaan komen. De meander loopt west, dus vervolg van de grot.
Na nog wat gewroet links en rechts, en opruimen aan de S6, weer naar buiten.
We inspecteerden de perte nog, die vakkundig is dichtgesmeten door de boer. Nog een praatje gemaakt met zijn zoon: hun actie was niet tegen ons gericht, maar ze waren onlang een koe kwijt die in één van de verzakkingen rond de perte was gesukkeld, vandaar dat ze maar alles hebben toegesmeten. Onze boveningang is gelukkig niet toegestort, er ligt enkel een groot blok op. Hieronder een foto van voor (2002) en na (juli 2008) de grote werken.
Geen opmerkingen :
Een reactie posten