Posts tonen met het label Klassiek buitenland. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Klassiek buitenland. Alle posts tonen

donderdag 14 mei 2026

Speleoweekend Doubs – 1 - 3mei

 

Speleoweekend Doubs – 1 - 3 mei

Verslag door Erik

Het verlengde weekend van 1 mei stond dit jaar in het teken van de Doubs. Met een compacte maar enthousiaste ploeg — Annemie, Toon, Len en ikzelf — trokken we richting Frankrijk voor drie dagen ondergronds avontuur.

Donderdag – Aankomst in Cherval

Donderdagmiddag vertrokken Annemie en ik vanuit Antwerpen richting de camping municipal van Cherval. De rit verliep met redelijk wat vertragingen en rond 21u20 reden we de camping op. Tent opzetten, en dan redelijk snel onze slaapzak ingekropen.

Toon en Len kozen voor een iets avontuurlijker reistiming en arriveerden midden in de nacht. De ploeg was compleet, klaar voor een ons speleoprogramma.

Vrijdag 1 mei – Grotte d’En Versenne & Gouffre du Puits de Poudry


Stralend weer en een eerste zoektocht

De dag begon met zon, blauwe lucht en twee grotten op het programma. Onze eerste bestemming: Grotte d’En Versenne (stuk voor de sifon).

De rit naar de parking verliep zonder problemen. Na het omkleden trokken we het bos in en vonden al snel een klein massiefje met een porche dat er op het eerste zicht uitzag als de ingang. Ik daalde/klom een blokkenstort af… maar onderaan liep het meteen dood. Toch niet de juiste plek?

We doorzochten de omliggende weiden en het bos, vonden verschillende pertes waar in nattere periodes een riviertje ondergronds gaat, maar geen echte ingang. Uiteindelijk keerden we terug naar het massiefje en zocht ik online een foto van de ingang: Perfect dezelfde plek.

De conclusie was duidelijk: de ingang is ingestort. Later op de camping bevestigden Duitse speleo’s dat zij enkele jaren geleden exact hetzelfde probleem hadden. Mogelijk is de ingang bewust dichtgemaakt om de grot te beschermen en te vermijden dat duikers door de sifon naar het mooie achterste deel zouden gaan.

Gouffre du Puits de Poudry

Gelukkig stond er nog een tweede grot op het programma. De Gouffre du Puits de Poudry vonden we vlot, een mooie put midden in het bos.

Ik equipeerde de ingang en we daalden af. Na de eerste put volgde een traverse langs een balkon naar een tweede put, die uitkwam op een schuine helling. Deze leidde naar een grote zaal met onderaan mooie concreties.



Het vervolg lag onderaan: via een étroiture kwamen we boven een put van 35 m uit. Ons touw was net te kort, dus maakte ik een touwverbinding op 3 à 4 meter van de bodem. Onderaan kon je nog wat tussen blokken afdalen, opnieuw met mooie concreties.



Na een korte pauze klommen we terug omhoog. Toon en Len deséquipeerden de grot en vlot stonden we weer buiten.

Zaterdag 2 mei – Gouffre de Pourpevelle

Voor deze grote grot stonden we al om 7u op. Na een stevig ontbijt reden we naar de parking, die verrassend leeg was voor een verlengd weekend. Geen andere speleo's te zien ...

Ingang en puttenreeks

Na het omkleden trokken we naar de ingang. Een mooie ingangsput leidde naar de zuidelijke gang. Twee keer daalden we een R7 af, waarna een vrijhangende put van 33 m volgde, midden in een enorme zaal. Altijd indrukwekkend om zo volledig vrijhangend af te dalen op een glad koord.

Beneden begonnen de horizontale galerijen. Dankzij het geplastificeerde plan met aangeduide route vonden we zonder problemen de weg door het Réseau Sud: wandelend, kruipend, klimmend en afdalend door galerijen met bassins, gours en mooie concreties. Nat tot aan ons middel (of hoger voor de kleinsten onder ons).

De “cable” en andere hindernissen

Bij de “cable” hingen twee versleten touwen (mantel doorgesleten) om een diepe met water gevulde gour over te steken zonder te zwemmen. Een beetje acrobatie was nodig, maar iedereen geraakte er veilig over zonder al te nat te worden.



Daarna volgde de sleutelpassage richting de Galerie des Cristaux: een lange kruipsectie waar onze knieën het zwaar te verduren kregen. Aan de voute mouillante moesten we zelfs op de buik door het water. Vervolgens klommen we via een vast touw in een nauwe cheminée naar Station Plaisance.


Avenue Sud en terugtocht

Station Plaisance ligt in een prachtig gedecoreerde galerij. We volgden eerst de Avenue Sud, gebaliseerd met rood-witte linten en verderop met een discreter wit touwtje. Op het einde lag een modderige blokkenstort met een bordje “Nooduitgang”. Ik ben even gaan kijken, maar niet omhoog geklommen om op de terugweg de mooie galerij niet te bevuilen.







In noordelijke richting aan Station Plaisance leek het water dieper, en omdat we het al behoorlijk fris hadden, keerden we terug.

De terugtocht verliep vlot: kruipgalerijen, diepe bassins, de cable, de puttenreeks… en rond 17u30–18u stonden we weer buiten. Een fantastische grot, absoluut een aanrader. Volgende keer neem ik wel een neopreen salopette mee.

Zondag 3 mei – Gouffre du Petit Siblot (met z’n tweeën)

Toon en Len lieten weten dat ze zondag al naar huis wilden vertrekken en enkel nog een ochtendwandeling zouden doen. Annemie en ik bleven tot maandag en wilden zeker nog een grot doen.

We kozen voor de Gouffre du Petit Siblot. Ik had deze grot al eens gedaan, maar herinnerde me weinig behalve de ingang.

Petit Siblot

De ingang is een smalle put (toch de eerste drie meter), afgesloten met een rooster dat je kan openklappen. Daarna volgden enkele putten tot een grote schuine zanderige helling. Helemaal onderaan kon je via een klimmetje (vast touw aanwezig) door een étroiture naar een balkon met uitzicht op een grote gedecoreerde zaal.

Via een kleine traverse daalden we af in de zaal, waar talloze grote kolommen staan. Jammer genoeg zijn ze bemodderd en lichtbruin van het stof, maar toch indrukwekkend.



Karstwandeling & Grand Siblot

Na de grot deden we nog de karstwandeling die langs de Petit Siblot loopt. Een stukje verder zagen we de ingang van de Grand Siblot, die we dan ook nog even bezochten — in gewone kleren, met enkel een gsm‑lichtje.

Terug op de camping hebben we er direct van geprofiteerd om de touwen en het materiaal te wassen in de Doubs. Dat was alvast thuis uitgespaard.

Maandag – Terug naar huis

Na een rustig ontbijt pakten we alles in en reden we ontspannen terug naar huis. Een geslaagd speleoweekend met mooie grotten, goed gezelschap en heel wat avontuur.

donderdag 9 april 2026

Driedaagse in de groeve van Savonnières-en-Perthois

Driedaagse in de groeve van Savonnières-en-Perthois    

Dit was een “interclub” met 4 mensen van Avalon (Erik Bruijn, Bart Saey, Annette Van Houtte en Paul De Bie) en 4 van STAL (Sofie Van Waesberghe, Noor De Bruyn, Emiel Van Buynder en Lou Boeykens).

Link naar een fotoalbum: https://photos.app.goo.gl/v8bLoF6tjTSsY6N9A met foto's genomen door iedereen

Wat voorafging

Het plan was om nog eens in die immense ondergrondse steengroeves te gaan kamperen en er de gebruikelijke klassieke grotten te doen. Het ondergronds doolhof van Savonnières-en-Perthois (meer dan honderd kilometer aan gangen!) is immers een oude liefde: hier kwam ik voor het eerst in het prille begin van mijn speleocarrière, in 1984! Nadien kwamen we er nog vele keren, maar de laatste keer dateerde intussen toch al wel van 2009 (zie dit blogartikel: https://scavalon.blogspot.com/2009/05/een-weekendje-groevenlopen_5.html ). En dus, 17 jaar later, zouden brompi en oma De Bie-Van Houtte dan nog eens in de klamme, donkere en spookachtige groeve gaan kamperen, in het gezelschap van enkele doorwinterde speleo’s maar ook een trio 16-jarige “juniors”: de crème-de-la-crème van de VVS-Jongeren.  52 jaar verschil tussen de oudsten en de jongsten: als dat maar goed kwam!

“L’hasard fait bien les choses”, zegt men in het Frans, en inderdaad: ik had me voorgenomen te gaan kamperen in een rustige sector van de groeve, en had aldus de zone in de buurt van de Gouffre de la Besace gekozen. Een goede keuze, bleek later!

Vrijdagavond 3 april 2026

Annette en ik arriveerden rond 16 u aan de ingang van de groeve waar we dadelijk vaststelden dat de code van het nummerslot verkeerd was. Die hadden de mensen van LISPEL (de speleo’s die de groeve beheren) enkele dagen geleden aan Erik gemaild. Na wat telefoneren kreeg ik de president van LISPEL te pakken en wat bleek: de code was 2 dagen geleden gewijzigd! OK, we kregen de poort nu open (ingang “Paquis”) en begonnen zwaar geladen aan onze tocht van zowat 1,5 km doorheen de donkere gangen. Sinds een jaar of 5 is er daar een uitstekende bewegwijzering met gekleurde reflectors (oranje, blauw of groen naar de drie voornaamste sectoren met grotten). We volgden de oranje route en kwamen na een klein halfuurtje in de zone waar we een bivakplaats wilden zoeken. We vonden een vrij propere en bruikbare plek. Na nog wat zoeken daar, trok Annette een plastiek zeil opzij en wat bleek: daarachter was dus echt een gedroomde verblijfplaats, ingericht door de speleo’s en voorzien van alle comfort zoals stoelen en tafels! Net achter de hoek was er een apart kamertje: ideaal voor opa en oma. Tien meter verder drupte er water omlaag dat we konden opvangen voor de afwas. Perfect, gewoon!


Terug naar de auto’s dan, voor een tweede lading materiaal want het was uiteraard niet gelukt om alles in één keer te dragen. En natuurlijk ook om aan de anderen via Whatsapp uit te leggen waar we exact zaten. Tegen 18 uur waren we terug en geïnstalleerd in ons kamp, nu was het wachten op de volgende ploegen. Erik en Lou arriveerden een weinig later, en kwamen zwaar geladen met kruiwagens vol materiaal aanzetten. Bart, Sofie, Noor en Emiel kwamen pas tegen 22 u aan.

Zaterdag 4 april 2026

Vandaag stond de Gouffre de la Sonnette op het programma. Die lag een kilometertje van onze kampplaats. Het blijft een surrealistisch iets, die steengroeve. Erik, met het plan in de hand, gidste ons feilloos doorheen het doolhof. De grot heeft twee ingangen, die we allebei equipeerden. De attractie is natuurlijk de magnifieke “Puits des Grands Cercles”, slechts 30 m diep maar héél breed en vooral bijzonder esthetisch. Eronder volgen nog 50 m aan kleinere putten, ook allemaal ruim en smetteloos proper. Enkel het stukje kruipgang helemaal beneden, op -85 m, is wat modderig. Daar wisselden de ploegen om en desequipeerden de juniors alles. Zo hoort dat! Die gasten waren trouwens al 100% zelfstandige en zeer behendige speleologen!


We waren vroeg “buiten” dus er was nog ruim tijd om in de groeve rond te dolen en op zoek te gaan naar mooie hoekjes. Na het avondeten (lekkere spaghetti) gingen de 3 jongeren weer op urenlange ontdekkingsreis (“voor middernacht terug!” was de voorwaarde). Overal valt er hier wel iets spannends te zien: werktuigen van de arbeiders die hier 100 jaar geleden hun ruggen kapotwerkten, materiaal van de champignonkwekers, trappen en luchtschachten, en natuurlijk vele grotten. De helft van de groeve is tegenwoordig verboden omdat er (mogelijk) weer een champignonkweker in zou werken, maar er resteert nog meer dan genoeg…

Zondag 5 april 2026

Na een copieus ontbijt, weer op pad: naar de Gouffre de l’Avenir ditmaal. Deze ligt ook flink ver, in een zone waar tot over enkele jaren de firma Rocamat opnieuw kalksteen kwam buitenhalen. Intussen is die exploitatie ook al weer stopgezet, maar de blokken liggen er nog, netjes gelabeld met QR-codes. De ploeg Bart met de 3 juniors vertrok in de Avenir: ruime maar wat natte putten en nogal wat equipeerwerk. De ploeg Erik, Sofie, Annette en Paul vertrok langs de beruchte Grande Viaille, een zeer nauwe meander. Dat begon slecht, want na 5 m geraakte Erik al niet verder: het was veel te smal. Het vermoeden rees dat we te vroeg waren gestart en inderdaad, we zaten in een stukje meander dat na 10 meter weer door de groeve was doorsneden. Eens in de goede ingang, werd het na amper 10 meter alweer problematisch smal. Zéér smal. Hadden wij dit vroeger dan gedaan (in de loop der jaren zijn we minstens 3 keer doorheen de Grande Viaille geweest)?

De meander was erg hoog, het was heel moeilijk te zien op welke niveau de juiste doorgang was. Nadat ik mijn zitgordel had uitgetrokken, kon ik een zware vernauwing doorwroeten die me op het niveau van het riviertje bracht. Enkele meters verder was er een volgende, nog smallere passage waar ik minutenlang over heb staan twijfelen. Maar van opgeven was geen sprake! Indien we dit op ons 30ste hadden gekund, dan moest het op 66 ook nog kunnen want ik was geen kilogram zwaarder dan toen. Wel al 5-6 keer ribben gebroken in dergelijke toestanden…dus toch wat oppassen.

En dus wroette ik verder tot ik een zaaltje kwam. De meander hernam daar, gauw verkennen: na 30 m bereikte ik een stalen balk: het ankerpunt van de grote put die uitkomt in de Avenir. Gauw terug naar de anderen. Iedereen trok zijn speleomateriaal uit, dat werd samen met de kitzakken doorgegeven en mits de juiste aanwijzingen geraakte iedereen er doorheen! Oef, dat was toch wel spannend!

Na het equiperen van de magnifieke en ruime put (P8+P30) stonden we gauw beneden in de Avenir waar de andere groep intussen ook al stond te wachten. Het vervolg hier was mij goed bekend: 400 m meander, flink modderig en met veel weerhaken op de wanden. Ik maakte Emiel wijs dat er op het einde een zaaltje was met duizenden grotparels; meer motivatie was er niet nodig om het jonge trio in dat hellegat te doen verdwijnen, gevolgd door Erik en Sofie. Annette en ik klommen langs de Avenir uit, nadat we Bart de nodige instructies hadden gegeven voor hun terugweg via de “Grande” Viaille. We namen een maximum aan materiaal langs onze kant mee en maakten een kitzak leeg, waarin zij hun zitgordels konden transporteren in de meander.  


Een uur later stonden we weer in de groeve, nog een uur later gevolgd door Erik en Sofie die alles hadden gedesequipeerd. Nu maar hopen dat het andere viertal nergens in de Grande Viaille gestrand was. Gauw naar daar (een paar honderd meter door de groeve stappen) en daar kwam net Lou naar buiten gesparteld, met zijn helm scheef op zijn kop en zwaar geladen met kitzakken. Sterke gast! Even later floepte Emiel eruit met alle “pochkes”, gevolgd door Noor die net als gisteren nog lentefris was. Bart als laatste, en zo was de groep compleet en was het tijd voor een hilarische “selfie”: de obligate groepsfoto. Wat de duizenden grotparels betreft, helemaal achteraan die moddermeander van de Avenir: daarvan zijn helaas geen foto’s genomen!

Het liep al tegen 17 u, dus naar het kamp waar we nog absurd veel aperitiefsnacks moesten verorberen – met een glaasje Cava. Alweer een lekkere maaltijd; het leek veel te veel tot de Lou demonstreerde hoe je 3 borden met bloemkool, veel patatjes en vlees wegwerkte. Daarna verorberde hij nog zes (6!) appels als dessert.

Aangezien we morgen naar huis vertrokken, maar nog de Rupt du Puits wilden meepakken (grote ondergrondse rivier), deden we nu al een flinke “portage” van materiaal naar de auto’s buiten. Buiten schemerde het al dus de hoop om wat zonlicht mee te pakken, konden we wel opbergen. Dan maar gauw weer de duisternis van de groeve opgezocht.

Maandag 6 april 2026

Om 7 u liep de wekker af, er was vandaag geen tijd om te luieren. Ontbijten, grote opruim en schoonmaak van ons verblijf en alweer een flinke portage naar de auto’s. Dan naar Robert-Espagne, de wat rare naam van het dorpje waar de Rupt du Puits ligt.

Nadat Erik de sleutel had afgehaald bij de lokale speleo’s, equipeerden we de put (twee touwen naast elkaar zodat we sneller konden uitklimmen vanmiddag). Blijft ook een bizar geval, die kaarsrechte pijp omlaag, in de jaren ’70 exact geboord op de plek waar het moest: twee meter naast de rand van de stroomafwaartse sifon.

Heel het gezelschap ging op weg in ganzenpas, met veel gedruis en gespetter in die mooie rivier. We moesten 1,8 km doen tot aan de sifon, en dat is een heel eind! De galerij is anderhalve meter breed, vaak 10 m hoog en verandert heel geleidelijk aan van vorm naargelang je verder stroomopwaarts loopt. Onderweg zijn er vele kleine zijriviertjes. Hier en daar kwam het water tot aan het kruis (veel gejammer en geroep dus!). Na ongeveer anderhalve kilometer hoorden we het gebulder van de watervallen. Stel je niks spectaculairs voor, de hoogste is 70 cm hoog! Het probleem was een 2 m diep bassin er net voor. Erik gaf een demonstratie van hoe je daarin nat tot aan je schouders kon worden. We stonden hem goed uit te lachen tot het onze beurt was… Enkel Lou en Bart geraakten er droog over mits een gewaagde “oppo” (ter info: heel de natte zone is droog te passeren via een 100 m lange en vast geëquipeerde looplijn, hoog in de galerij maar dan moet je wel je klimuitrusting bijhebben).

Er volgde nu een mooi stuk met diepe bassins en kleine watervalletjes, daarna veranderde de gang van profiel en werd het een sombere, zwarte elliptische gang. Wat verder strandden we voor de stroomopwaartse sifon: meer dan 600 m lang. Aan de andere kant ervan is de Gouffre de la Béva. Sommigen bezochten de Affluent des Macaronis, best mooi eigenlijk!

Maar veel tijd om daar te dralen was er niet, iedereen was flink nat en koud. De harde kern besloot om terug te “gaan” via de grote, beruchte rondgang. Geen van hen had dat al gedaan dus ze wisten niet beter. Paul en Annette hadden het al diverse keren gedaan, Bart ook al eens, dus die lieten deze kelk ditmaal aan zich voorbijgaan. Die rondgang, dat betekent zowat anderhalve km kruipen doorheen scherpe meanders, lage gangen gevuld met blubber en water of gewoon droog zand. Er komt gewoon geen einde aan, en telkens vraag je je af “maar wat doe ik hier eigenlijk?”. De anciens gaven de goede raad aan de masochistischen: “Nooit twijfelen of opgeven daar. Verstand op nul zetten en blijven gaan!” en stapten fluks via de rivier naar de ingang terug. Nog 50 m omhoog het touw op en we waren buiten in het zonnetje.

Anderhalf uur later kondigden stoomwolken die uit de buis kwamen, de terugkomst van de tweede ploeg aan. Lou en Noor vlogen als gek de touwen op, maar inhalen is er moeilijk en Noor won met de vingers in de neus. Als beloning kreeg ze een slokje lauw sokkensap uit de laarzen van Sofie. Van je vrienden moet je het hebben!

Rond 16 u waren de auto’s weer ingeladen, en na een babbeltje met de lokale speleo’s die toevallig voorbijkwamen, waren we op weg naar huis…. Het was toch weer goed.

Verslag: Brompi

Link naar een fotoalbum: https://photos.app.goo.gl/v8bLoF6tjTSsY6N9A met foto's genomen door zowat iedereen

maandag 7 november 2022

Interclub vakantie in de Lot (29/10/2022 tot 5/11/2022)

Zaterdag 29/10 vertrek om 7.30u vanuit Schoten, ik mocht meerijden met Paul van Immerseel. Eerst nog Annemie gaan oppikken en weg waren we voor een trip van 11 uur richting Lot.

Aangekomen aan de gite waren er al heel wat mensen aanwezig en we konden meteen aanschuiven aan een heerlijke kaasschotel. De avond werd gevuld met praten en kennismaken met iedereen.

Zondag 30/10: dit weekend werd er van alles georganiseerd rond de grotte de Pech Merle voor zijn 100 jarige bestaan en deze zondag was er een ambachtsmarktje op het pleintje voor de grot. Hier werd er uitgelegd hoe onze voorouders vroeger leefden en jaagden, muziek maakten, silex bewerkten enz.


Wij gingen te voet van de gite naar ginder, een wandeltocht van 7,5 km heen en 7,5 km terug.

Bij de terugweg wilden Annemie en ik de rivier blijven volgen maar dit was echter onmogelijk, de begroeiing van bramen versperde letterlijk onze weg. Dan maar terug naar de begane weg, deze even gevolgd en dan toch weer een alternatief pad genomen en zo onze weg op gps proberen te zoeken. Een zeer avontuurlijke wandeling waarbij we nog enkele grotjes zijn tegengekomen. Als we ‘s avonds terug aan de gite waren stond de teller op 17 km. Dit was al meer dan genoeg voor een eerste opwarmertje, pfff.

Maandag 31/10: Vandaag ga ik met Eric Claes, Guido de Keyzer, Ivo en  Ben Verloy een foto tocht doen in de grotte de la Racinne( comunne de Bouziès).

Deze grot dankt zijn naam omdat er halverwege de grot een gigantische, meters lange wortel in een put naar beneden hangt, zeker 10m hoog/lang. Het is geen grote grot, twee zalen die spijtig genoeg door veelvuldig bezoek redelijk vervuild zijn. Maar hier en daar zijn er toch nog mooie dingen te ontdekken zoals het plafond met uitgeholde marmieten die redelijk wit zijn gebleven. Er is ook een zeer speciale formatie te zien. Het lijkt op een gigantische disque maar is het niet. Je kan het vergelijken met een afgezaagde  hele dikke boomstam( diameter 1m) waar je de levenslijnen in kan zien en deze plakt dan tegen het plafond, echt heel raar. Uiteraard is hier heel wat tijd gespendeerd om foto’s te trekken.

Dinsdag 1/11: Bedoeling was om een Via Feratta te gaan doen maar het huisje waar je materiaal kon huren was gesloten. Telefoontje gedaan en ‘s avonds werd het materiaal geleverd aan onze gite, wat een service. Dus moest er een alternatief gezocht worden en zijn we samen met enkele anderen op een toeristische uitstap geweest naar Rocamadour.

Woensdag 2/11: s’Ochtends was het zeer mistig, we zagen zelfs de rotsen niet meer waar we vandaag onze Via Feratta du Liauzu  zouden gaan doen. Dus hebben we de ochtend al wachtend doorgebracht tot de zon erdoor kwam en het terug een stralende dag werd.

Het parcour bestond uit een gele( gemakkelijke 1h30u) en rode( moeilijkere 2h30 à3h) weg. Wij kozen voor het rode parcour maar halverwege kon je overstappen naar de gele als je wilde en bijna op het einde was er ook nog een escape route waar je kon stoppen indien je te moe werd. We werden getrakteerd op magnifieke vergezichten en een grotje onderweg. Ik vond het een zeer leuke ervaring, zeker de enorme hangbrug was spectaculair. Toch ook wel pittige tocht, vooral omdat er ergens een kleine overhang was dat veel kracht vergde in je armen. Uiteindelijk dan toch voor de escaperoute gekozen, het was genoeg geweest voor iedereen. Super toffe belevenis!



Donderdag 3/11: In de voormiddag gaan we met z’n allen de préhistorische grot “ Pech Merle” bezoeken in  Cabrerets. Zeer zeker de moeite waard zowel de grot op zich als de fantastische tekeningen die er te zien zijn.


Na de middag ben ik terug op een fototrip geweest naar de grot “Igue de Geniez”. Ook weer een kleine grot met een ingangsputje van 15m gevolgd door een zaaltje en nog ergens een klimmetje van 6m. Ook hier werden er vele foto’s genomen met telkens een andere manier van belichting enz… Tegen 19.00 u waren we terug aan de gite en konden we genieten van een lekker paella.




Vrijdag 4/11: De laatste dag vakantie alweer en het was voor de eerste keer slecht weer. Dus, samen met Anita en Guido wat gaan toeristen. Eerst naar Domme gereden, een middeleeuws dorpje. Daarna naar Sarlat-la-Canéda waar we in een Engelse Pub met fantastische muziek,  mosseltjes met frietjes aan 14 euro hebben gegeten. Als laatste stop op de terugweg nog even in Gourdon rondgewandeld en zo terug naar de gite.

Het was weer een leuke vakantie met vele bekenden en vrienden onder elkaar.

Verblijfplaats: La Fleche Bleue gite in Orniac

Tekst en foto's : Michaëla  (behalve de foto waar ze zelf op staat natuurlijk)


zondag 4 maart 2018

Speleovakantie Doubs/ Nans sous St Anne februari 2018

Do 8/2: Vandaag start de vakantie! Om 16.00u kwam Eric me ophalen en tegen 17.00u waren we in Mechelen waar we hadden afgesproken met Mario. Alle gerief wordt overgeladen in de auto van Mario en in opperbeste stemming vertrekken we richting Poinson naar het huisje van Jos om de nacht door te brengen.

Vr 9/2: De volgende ochtend na het ontbijt vertrekken we richting Nans s/s St. Anne maar onderweg pikken we nog gauw een grotje mee nl de “Gouffre du Petit Siblot”. Klein maar zeer mooi! Een vrij smalle ingang, enkele putjes en onderaan een zeer mooie geconcretioneerde zaal. De moeite om te doen. Eruit komen was wat pittiger omdat ik met het verkeerde been in mijn traptouw zat en daardoor niet omhoog geraakte in de smalle ingangsspleet. Gelukkig waren m’n kameraden er om dit oudje te redden,ha,ha. Zo, dat was al een leuke opwarmer.







Toen we omgekleed waren zijn we verder gereden naar de gîte en hebben we ons geïnstalleerd. Tegen 22.00u ben ik gaan slapen want op de anderen wachten had geen zin want die zouden pas tegen middernacht binnenvallen.



Za 10/2: Vandaag ben ik samen met Mario op zoek gegaan naar de “grotte du Tunnel de la Cabette”. Dit is een ondergrondse  tunnel  die gebruikt wordt voor watercaptage en deze tunnel doorkruist een grotje. Voor Mario stond deze al een hele tijd op zijn verlanglijstje . Hij heeft er al eens alleen vruchteloos achter gezocht dus vandaag moest dit lukken, met gps coördinaten en een tweede man/vrouw. Het had ferm gesneeuwd (10cm) maar gelukkig konden we toch tot aan de buvette rijden. Bon, de gps opgezet maar helaas, de coördinaten die Mario had gevonden op het internet gaven de plaats weer van de buvette en niet die van de “Tunnel”. Ok, niet erg, we gaan dan maar op goed geluk wat rondsnollen. Na een eerste verkenning die niets opleverde trokken we terug naar de auto om vandaar een nieuwe richting uit te gaan.





Maar gelukkig voor ons stond er juist een boswachter  aan de auto, die ons dan de weg heeft gewezen. Ons gauw omgekleed en door de verse sneeuw naar de ingang waar we algauw het aan het ijzeren poortje stonden. Een tunnel met een kanaaltje in waar een beetje water in stond. Je kan net niet rechtop lopen wat zeer belastend is voor je rug. Na ongeveer 800m kwamen we op de plaats waar de tunnel een klein grotje doorkruist. Een afdaling van +/- 15m en we kwamen in een zaal terecht die je zowel links als rechts zo’n 20m kan volgen. Aan beide kanten loopt alles dicht. Terug naar boven dan en de tunnel nog even verder gevolgd tot we aan een instorting kwamen, op +/- 1,2km ver van de ingang. De tunnel liep nog veel verder maar we zijn niet over die instorting gekropen. Terug naar buiten dan. Onderweg nog vele kleine vleermuisjes gezien en in het kanaaltje zaten witte kleine kreeftjes nl. Nifargussen.  We hebben zelfs een kikker gezien in het water. Terug buiten tegen de middag dus nog veel te vroeg om naar de gîte te gaan. We zijn dan naar de “source de Lison” gereden wat toch telkens weer zeer impressionant is om te zien, zeker nu met al die sneeuw. Ook even naar de “Creux Billard” en de “Sarrazine” gewandeld in een feeëriek landschap met al die besneeuwde bomen.



Tegen 17.00u terug naar de gîte gereden waar de anderen(Kris,Toon,Gleb,Frank,Kamiel,Lukas,Peter C.) ook al terug waren van hun grottocht naar de “Baudin”. Dit is één van de ingangen die uitkomt in de collecteur  van het systeem “Verneau”. Zij zijn echter niet ver geraakt omdat de waterstand te hoog was.

Jos en Eric zijn op zoek geweest naar de “Combe de Malvaux” maar hebben deze niet gevonden. Per toeval in een ander grotje terecht gekomen die daar in de buurt lag nl. de “Beaume du Mont”.‘s Avonds hebben we een lekkere ratatouille gegeten en terwijl de huishoudelijke taken werden verdeeld ontfermde Eric zich over het kitten van de zakken voor de volgende dag. Bij het knapperend vuurtje van de kachel zijn er heel wat droge moppen op tafel gegooid. Een gezellige drukte en er is heel wat afgelachen.



Zo 11/2: Vandaag stond de “Gouffre Pouet-Pouet” op het programma.(-160m).

Vroeg opgestaan 6u45, rustig ontbeten, gerief klaargemaakt en de eerste ploeg(Eric, Jos, Gleb, Mich) kon vertrekken om te grot al te gaan equiperen. De tweede ploeg zou zo’n 2 uur later komen. Het had vannacht nog wat bijgesneeuwd maar gelukkig toch zonder problemen op de parkeerplaats geraakt. Er stond wel een fris windje waardoor het kouder aanvoelde dan gisteren. Vlug omkleden en door de sneeuw richting grot. Eerst een weide doorkruisen en dan even de bosrand volgen tot aan de grot. Eric begon met equiperen en halverwege nam Gleb het over. Alles verliep vlotjes totdat Eric opmerkte dat we waarschijnlijk te weinig plaketten gingen hebben. In de grotbeschrijving stond vermeld dat er “nombreuse broches” waren maar we hebben er letterlijk maar één gezien. Gelukkig had Eric toch wat reserve plaketten en assen meegenomen maar  hoe dieper we afdaalden hoe meer we moesten improviseren met veel natuurlijke ankerpunten te gebruiken. De grot is een puttenreeks die wordt afgewisseld met enkele meanders en na een laatste put van 27m kom je in een collecteur die je stroomopwaarts en -afwaarts kan volgen tot aan een sifon. Spijtig genoeg waren, ondanks onze besparingen, alle plaketten op en konden we de laatste put niet afdalen. Ondertussen was de tweede ploeg ons al ingelopen zodat we met zijn elven verspreid zaten in de meanders en putten. Enfin, niks aan te doen, terug dan maar. Zo halverwege de terugweg kwamen we aan een put die deze morgend nog kurkdroog was maar waar er nu toch een serieuze douche afkwam.  Kletsnat tot op mijn onderbroek klom ik naar boven, nog even een lastig gaatje doorkruipen bovenaan de put en even later stonden we weer buiten. Niet treuzelen nu en in looppas door de diepe sneeuw naar de auto gerend. Verdorie wat was het koud! Nog een klein sneeuwbuitje erbij  en dan denk je toch van” wat doe ik hier?” Maar eenmaal terug in je lekkere warme kleren is alles vlug vergeten. We hebben gewacht totdat iedereen terug uit de grot was en daarna zijn Mario, Jos, Eric en ikzelf al terug naar de gîte gereden om de kachel aan te steken en een lekkere warme chocomelk klaar te maken. Een half uurtje later kwamen de anderen ook binnen, allen verkleumd van de kou. Na een lekkere warme douche en een mok hete verse chocomelk ontdooide iedereen en algauw werden de foto’s en filmpjes bekeken van de grottocht. ‘s Avonds een lekkere spaghetti om terug op krachten te komen en plannen maken voor morgen.




Mario en ik gaan niet grotten maar wat sight-seeing doen en ook nog wat eten halen. Frank,Kamiel,Lukas,Kris en Toon gaan langlaufen en Jos, Gleb en Eric gaan een tweede poging doen om de “combe de Malvaux(-86m) te vinden. 


Ma 12/2: Vandaag lekker lang geslapen tot 8.30u. Heerlijk ontbijt met spek en eieren klaargemaakt door Lukas en Kamiel. Eerst naar de winkel om inkopen te doen. Onderweg zagen we enkele forten staan. Ok, dit wilde ik wel eens van dichtbij gaan bekijken. Fort Belin en Fort St. Andre. Daar aangekomen bleek dat we in geen van beiden binnen konden maar toch wel leuk om deze gigantische bouwwerken eens te zien. ‘s Middags even naar de gîte gaan eten en daarna een wandeling gemaakt naar de Source de Verneau die vlakbij de gîte ligt. Een korte maar mooie wandeling langs de Verneau die zich in kleine watervalletjes naar beneden een weg zocht. Spijtig genoeg zijn we niet tot aan de bron zelf geraakt omdat het wandelpad was weggezakt en het te gevaarlijk werd om toch verder te gaan. Dan maar terug naar de gîte maar eerst nog even gepasseerd lang het kaaswinkeltje waar ze heerlijke comté verkopen. Ondertussen is het weeral aan het sneeuwen en dat terwijl het zonnetje schijnt, echt bizar. Er was nog wat tijd over om mijn verslagje bij te werken en lekker te keuvelen bij de kachel. Ik hoop dat de eigenaar vanavond wat hout bijbrengt want het gaat er rap door. Daarna ben ik al begonnen aan de voorbereidingen voor het avondeten: boontjes met tomaten, rijst, aardappelen en kip.




Tegen 16.30u kwam de eerste ploeg terug binnenvallen. Ze hadden de grot gevonden: een opeenvolging van putjes en enkele meanders. Een leuk grotje maar niets spectaculairs. Enkel de toegangsweg was pittig, een steile wandeling door de sneeuw in een magnifiek bos.

De anderen kwamen vrij laat thuis, het was reeds 19.30u maar ze hadden zich super geamuseerd. Toon had zijn drone meegenomen zodat we allemaal konden meegenieten van hun valpartijen en stuntelige afdalingen tijdens hun langlauf tocht. Het was weeral voor iedereen een geweldige dag geweest.


Di 13/2: Onze laatste dag, spijtig. Iedereen om 7.00u opgestaan om de gîte op te ruimen en alles in te laden in de auto’s. Frank + zonen en Gleb rijden meteen naar huis. De anderen gaan eerst nog een klein grotje doen nl. de “  Gouffre des Ordons” (Montrond le Chateau) . Een eenvoudige ingangsput van 5m gevolgd door ene van 20m. Daarna kom je in een uitermate geconcretioneerde galerij waar we vele foto’s genomen hebben. Dit was echt een super afsluiter van de week! Iedereen zonder problemen weer naar buiten en nadat we waren omgekleed hebben we afscheid genomen van elkaar en de terugreis aangevat. Voor iedereen was deze vakantie voor herhaling vatbaar. Het was super leuk !





Verslag : Mich

Foto's    : Mich