P&A hebben het de laatste maanden bijzonder druk gehad, wat de relatieve stilte op blog en FB verklaart.
Maar we hebben er wel een erezaak van gemaakt om een keer per week te blijven grotten (doch erover schrijven is een beetje teveel gevraagd). Bij wijze van uitzondering toch dit...
Tussen de bedrijven door moeten we nog een Anialarra-expeditie voorbereiden. In minder dan 2 weken zijn we weg, voor 3 weken exploratie in het nooit eindigend verhaal in de Spaanse Pyreneeën. Tenzij ik me misreken, wordt dat het 18de jaar op rij! Het zal een ietwat speciale aflevering worden: we hebben een flinke, jonge en enthousiaste ploeg (tot 13 man sterk) maar het merendeel daarvan heeft weinig of geen exploratie-ervaring en al zeker niet op het massief daar! Dus de oudjes gaan extra gesolliciteerd worden. We zijn er klaar voor!
Hoe het gelukt is, weten we niet, maar we zijn ook bijna klaar met de materiële voorbereidingen. Het voorbije weekend heeft Annette zich beziggehouden met onze spiksplinternieuwe expeditietenten te sealen (waarom zo'n dure tenten niet geseald worden in de fabriek is mij een raadsel!) en er stevige grondzeilen voor te maken.
En dan inderdaad nu en dan eens een stevige grottocht.
19 juli 2014; met Annette naar de Fagnoules. De dag begon slecht : mijn partner was haar onderkleding - en erger - ook haar kniebeschermers vergeten. Er werd dus geïmproviseerd maar in zo’n natte, modderige grot zou dat niet bijzonder leuk worden. En beurse knieën waren een zekerheid. Via de Chantoir de Buc erin. Eerste doel: de Petite Evasion, waar in de voorbije jaren een zware desob was gedaan in een uiterst lastige, natte en smalle spleet. Doch ik was zeker dat we, na de plop van een maand geleden, er nu zouden door zijn.
| Annette in de verschrikkelijke spleet, net voor de gigantische première van 5 m |
Inderdaad, het duurde niet lang of Annette geraakte door de passage. Eindelijk zouden we weten waar die echo vandaan kwam, en vooral: of het verder liep. Gauw volgde de teleurstelling: het werd inderdaad even wat hoger en ietsje breder (vandaar de resonantie) maar 5 meter verder, na een S-bocht, dook het dak weer omlaag en was de passage nog slechts 10 x 20 cm en dat zo ver we konden kijken. Over en out dus.
Ik wil zelfs niet proberen te tellen hoe vaak we hier zijn komen werken. Beter voor mijn gemoedsrust.
Volgde nog een gedenkwaardig stukje toposessie, waarbij het grootste probleem was: een potlood uit een plastic kokertje halen. Het ding zat erin klem, en in deze modderomstandigheden was het echt ondoenbaar het eruit te krijgen. Finaal kwam er een hamer en een beitel aan te pas. Waarna bleek dat het begeerde vulpotlood leeg was! Annette bracht redding met een stompje potlood uit het EHBO-kistje.
Na dit fiasco, zetten we koers naar de Hyperventilateur om er verder te doen aan de eeuwigdurende desob van een klein dalend meandertje. De vorige plop bleek goed gelukt. Moeizaam puin ruimen, daarna konden we achter een haakse linkerbocht kijken. En wat we zagen bleek voorwaar niet slecht: na nog een smalle meter (misschien passeerbaar) werd het duidelijk breder. We meenden zelfs iets “zwart” te zien. Echter, in dit meandertje is zo goed als geen tocht en we lagen na ons uurtje werk al naar adem te happen. Gegarandeerd dus veel te veel CO2 en te weinig zuurstof (metingen, een maand geleden, wezen uit dat er een permanent zuurstofdeficit is van rond de 2%)
Toch maar een gat geboord in de scherpe linkerbocht. Hoewel je je daarvoor niet moet inspannen, lag ik te hijgen als gek en geraakte mijn hartslag niet onder de 150. Vrij beangstigend als je 10 meter ver, kop omlaag in zo’n nauw kronkelding ligt! Ik moest me echt dwingen om het gat te boren en de plop te plaatsen. Eens terug uit het gangetje, in de Hyperventilateur (die wel goed geventileerd is), lag ik 5 minuten te bekomen.
Deze bedorven lucht is natuurlijk geen goed teken voor een eventueel vervolg! En dat zou jammer zijn, want hier is al hard gewerkt en dit gangetje is een van de weinige resterende mogelijkheden om ooit de Sifon 8 voorbij te geraken.
Terug naar buiten maar, het was al veel later dan gedacht. Nog een kijkje genomen aan de gewone ingang van de Fagnoules. Door de stortregens van de vorige weken heeft een modderlawine een paar honderd kilo blubber voor de poort gedeponeerd. Flink wat werk weer, en voorlopig geen Fagnoules langs daar. Al goed dat we geen traversee gepland hadden.
Dat vulpotlood heeft ons vorige keer in de Saumont in de steek gelaten. Er zat toen al bijna niets meer in. Jos heeft toen ook moeten verder werken met een gewoon potlood. Eerlijkheidshalve moet ik wel zeggen dat ik vergeten te melden ben dat het potlood leeg was toen ik het terug bracht.
BeantwoordenVerwijderenJammer dat de petite evasion over en out is.
Dagobert