http://pollekepik.blogspot.be/2013/11/halve-wandelingen-in-de-haute-savoie.html
Vrijdag 8 nov 2013
Vandaag vertrekken we richting eindbestemming: La Feclaz in de Savoie, waar ons een weekend speleo wacht. Maar omdat we daar pas terecht kunnen vanaf 17u30, vertrekken we maar in de namiddag, en met een omweg langs Chambery. Daar is immers een winkel van Le Vieux Campeur gevestigd. Ik heb speleolaarzen nodig, Annette canyonschoenen. Maar helaas, daar aangekomen, blijkt dat men daar enkel kleding en skimateriaal verkoopt. Dan maar verder naar La Feclaz: 10 km kronkelweg tot boven op het plateau. Het skidorp dat op 1300 m hoogte ligt, is geheel uitgestorven. We gaan dan maar op zoek naar twee van de ingangen van het enorme systeem waarin zich de reddingsoefening zal afspelen. De Trou du Garde wordt vrij vlot gevonden, amper 400 m van de auto. Maar naar de Creux de la Cavale zoeken we veel langer (wegens een onduidelijke wegbeschrijving). De grot ligt een flink eind stappen (20 min) van de auto.We eindigen de wandeling in de regen. Weer naar het dorp, waar we enige tijd later in de gîte kunnen. Enorm geval (49 plaatsen) met vele kamers. We kiezen een kamertje voor twee en installeren ons. In de loop van de avond druppelen de andere Belgen binnen. Rond 19 uur rijden we met wat vrienden (Jack, Patrice, Arnaud, Vincent) weer de kronkelweg naar Chambery af om ons daar in de “Buffalo Grill” te gaan vol schranzen. Rond 21 u weer naar La Feclaz, in de gietende regen. Rond 23 u in bed.
Zaterdag 9 nov 2013
Om 8 u opstaan, het weer buiten is wat beter maar er ligt al wat sneeuw op de toppen van de Margeriaz. Voor morgen verwacht men strontweer en een pak sneeuw!Voor de reddingsoefening is het afwachten, ze begint pas rond de middag, in samenwerking met de SSF. Dus wachten, wachten en wachten. Annette heeft geluk: ze mag rond 12 u al vertrekken in een verkenningsploeg: een zoektocht naar een ploeg speleo’s die over tijd is. Ze gaat via de Creux Perrin, een naar het schijnt zeer vochtige en vooral modderige ingang. Pas als er nieuws is van deze verkenningsploegen, kan de echte secours beginnen. Intussen wachten wij. De uren tikken voorbij, wij vervelen ons steendood en kunnen niet veel anders doen dan van Wilfrieds gastronomische kunsten genieten (m.a.w.: veel eten!). Om 15 u is er nog steeds geen nieuws en wordt het duidelijk dat wij een nachtelijke grottocht gaan doen. Dan heeft men eindelijk een karwei voor mij: samen met Marc Legros de ploeg aflossen die de ingangsmeander van de Creux Perrin aan het dynamiteren is. Maar wanneer we aan de grot aankomen, komt die ploeg net buiten: zij hebben alle accu’s leeg geboord en wij kunnen dus niks gaan doen. Terug naar af dus.
Rond 18 u verschijnt Annette, nat en vooral zeer modderig: haar materiaal is onherkenbaar. Het wordt duidelijk dat een secourssimulatie langs de Creux Perrin geen optie is in deze weersomstandigheden. Het zal dus in de Trou du Garde gaan gebeuren!
Ik probeer wat te slapen (onmogelijk in deze rumoerige gîte). Tegen 22 u kennen wij eindelijk onze opdracht: wat evacuatiestellingen bouwen van -160 tot -180 in de Garde. Ploeg van 6 Belgen onder leiding van 2 Fransen, sympathieke gasten. Het klikt direct met de Chef d’Equipe, Yann. Nadat we al ons materiaal hebben bijeengezocht, en ons in de gîte hebben omgekleed, gaan we op weg met de camionette van het UBS. Rond middernacht vertrekken we in de grot. Ingangsput 21 m, drupt flink. Grote zaal, meander, dan zeer natte puttenreeks (La Trilogie) waarin we kletsnat worden. De equipementen zijn gewoon slecht. Dit is blijkbaar een soort “vast” explo-equipement: alles in het water, veel wrijving, lastig, ondermaats (looplijnen op één spit of gewoon geen looplijnen enz.). Bovendien zijn de touwen totaal versleten doordat vele traverseerploegen er natuurlijk ook gebruik van maken. Op sommige plaatsen is de mantel gewoon doorgesleten, zijn er knopen gemaakt. Op een plaats neemt Jack het initiatief een rotversleten touw te vervangen door een van onze secourstouwen. Niemand begrijpt waarom deze putten niet opnieuw geëquipeerd zijn; wij hebben daar met minstens 20 man een hele dag lang zitten niksen.
Enfin, verder maar tot onze bestemming door een toch wel plezante grot met mooie witte rots en veel water, tot in een chaotische zaal met diverse steile obstakels die we moeten equiperen. Beneden de zaal dondert de rivier om dan in een 13 m hoge waterval te vallen. Daar is een andere ploeg bezig met o.m. Kevin en Raf. We bekijken met onze CE alle moeilijkheden, in gemeenschappelijk overleg zoeken we voor alles een oplossing en we beginnen eraan. Wat later weerklinkt staccato gehamer want er zijn minstens 20 spits te plaatsen (in keiharde rots)! Stilaan krijgt alles vorm: schuine helling 15 m hoog met palan, overgang op korte tyrolienne van 5 m, schuine helling overgaand in put omhoog met een balancier, tenslotte helling 10 m omlaag met een frein de charge. Wanneer we rond zijn is het 3 u ’s ochtends. Onder ons is de brancard vertrokken, wij wachten intussen, warmen een chocomelk en eten wat. De ambiance is prima en de vorm is er, ondanks het onmenselijke uur.
Dan kunnen we eindelijk aan de slag. Lastige brancardage in de bulderende rivier geheel beneden, gelukkig niet zo ver, dan over alle onze stellingen met die zware last. Vanaf daar wordt het manoeuvre geneutraliseerd aangezien er een stuk nauwe meander is. Onze opdracht is alles weer desequiperen en dan met alle materiaal naar de point chaud van -100. De terugweg gaat niet snel, er zit veel volk voor ons en sommigen zijn niet meer zo fris. Om 7 u arriveren we aan de point chaud, waar ons een lang inventariswerk wacht: we moeten de inhoud inventariseren van minstens 7 kits secoursmateriaal en die daarna weer allemaal inpakken ook!
Eindelijk is het klaar, vanaf hier kunnen we zonder kitzakken naar buiten. De putten zijn nog natter dan op de heenweg. We kruisen een ploeg die omlaag komt, onder hen Annette. Zij zullen de evacuatie doen in de zeer natte putten! Kusje en we wensen hen veel “plezier” en gaan verder. Om 9 u 30 ’s ochtends staan we buiten, er valt natte sneeuw en alles ziet wit.
In de gîte gauw eten, douchen en dan dodo voor een uur of vijf. Rond 16 u word ik wakker. Buiten ligt nu 5 cm sneeuw en het ijzelt. Ik rij tot aan de grot, waar toevallig Annette en Patrice buitenkomen na een zeer natte ondergrondse tocht. Het zit er nu bijna op, een laatste nog frisse ploeg neemt het desequipeerwerk voor haar rekening.
Die avond bouwen we een klein feestje, Belgen en Fransen verbroederen met veel Belgisch bier en Franse wijn, en een overheerlijke driegangenmaaltijd van Wilfried en Emilia. Rond een uur zoeken Annette en ik ons bed op want morgen wacht ons nog een terugreis van 900 km.
Maandag 11 nov 2013
Om 7 u uit bed, in de kamer naast ons ligt een Française te kotsen die teveel gedronken heeft dus slapen is er toch niet meer bij. Ik ben snipverkouden, tiens hoe zou dat nu komen? Buiten vriest het flink, er ligt een laag glanzende ijzel en sneeuw. We ontbijten en laden de auto in (die moeizaam wordt open gekregen want de deuren zitten potvast gevroren) en rond 10 u zijn we weg. Het wordt een zware rit want we zijn echt nog groggy en moeten dringend bijslapen. We arriveren dan ook als zombies in Edegem. Maar het was buitengewoon plezant (op het wachten na), en weer veel bijgeleerd en mensen leren kennen.Foto’s en video
Een fotoalbum met sfeerfoto’s in en rond de gîte van La FeclazEen video (5 min) over de losbandigheden NA de secours en de nu al beroemde speech van Wilfried
Een prima video van de reddingsoefening ondergronds (auteur “jaildede”)
't was ver rijden en vooral lang wachten, maar de sfeer was opperbest en de oefening is al bij al goed verlopen ;-)
BeantwoordenVerwijderenLeuk verslag, bedankt
BeantwoordenVerwijderen