dinsdag 12 juni 2018

Eerste niet-duikers in Réseau Nico


De Vallei van Pont-le-Prêtre (PLP) houdt ons nu al 29 jaar in de ban. Vorig jaar schreef ik er een stukje over http://scavalon.blogspot.com/2017/12/plp-oude-liefde-roest-niet.html. Lees dat eerst en je bent weer helemaal mee.
Dus, in 1994 hadden we daar een serie grotjes ontdekt (E1->E4 en E18) waarvan het overduidelijk was dat er “iets” onder zat. Maar vele onderzoeken hadden dan weer tot een andere conclusie geleid, nl. dat de hevige tocht in de laagst gelegen gaten (E1 en E2) slechts het gevolg was van lokale circulaties met hoger gelegen gaten.
Toch bleef het knagen, vooral “s winters waren de vele aangevroren en dampende gaten  echt zeer aanlokkelijk.

De ontdekking van de “Réseau Nico” in 2010 door duiker Nico Hecq leverde het bewijs: onder deze grotjes zat een veel groter stelsel. Maar de topo bracht onvoldoende zekerheid waar er juist gewerkt moest worden om er via een "droge" ingang in te geraken. De “E1” was het meest plausibel, volgens de topo zouden we al praktisch in de Réseau Nico moeten binnenzitten, maar in dat grotje was niks evidents te vinden. Die topo was dus niet 100% correct...
Grotte E1
In de winter 2017-2018 ging ik 4 keer solo werken in de E4 (de grot die het hevigste dampte 's winters), om finaal na 4 m zware desobstructie een miezerig gaatje te bereiken, waarvan een rooktest  uitwees dat het in relatie stond met de E2. Over en Out dus. Een andere rooktest, in de E1 ditmaal die ’s winters fors aanzuigt, leek ook het belang van die E1 te reduceren want de rook kwam er in de E18 uit, die 3 m hoger en wat opzij ligt! En een grondige inspectie van heel de grot (zegge en schrijven 7 m lang) leverde echt niks op, hooguit wat extreem nauwe spleten, naar boven dan nog (terwijl de Réseau Nico eronder moest liggen). 
Maar in mei 2018 passeerde ik er weer, ditmaal met Geert de Sadelaer (van Cascade) en Annette en de FLIR warmtecamera van Geert liet ons overduidelijk de koude luchtlaag zien die uit de grot golfde. De laatste steen mocht bovenkomen: dit mysterie moest worden opgelost!

Op vrijdag 11 mei 2018  ging ik dus weer naar de E1. Eerste vaststelling: een das had recent een nest gemaakt 2 m ver in de grot, er lag daar een enorm pak mos. Wat verder enkele zeer onsmakelijke natte dassendrollen. Nadat ik "onze" grot terug geclaimd en opgekuist had, heb ik alles nog maar eens met wierook afgezocht en dan toch een stijgende spleet gevonden die duidelijk tochtte. De opening was maar 20 x 15 cm maar erachter werd het ietsje breder. Driedubbele plop gezet, waarna ik er met veel moeite met mijn hoofd door kon: ik zag een 40 cm breed gangetje dat tot op 5 cm van het plafond was opgevuld met klei. Humm minder uitnodigend, maar toch weer een dubbele plop gezet. 
Ik kon nu met mijn borstkas door het gat, erg smal nog en groef moeizaam verder. Een dikke calcietvloer maakte het nog wat lastiger; die moest ik proberen te breken. Telkens weer achteruit door die vernauwing met mijn aarde! Het liep horizontaal over 1 m 50, grotendeels opgevuld met klei/puin, en dan leek het weer omlaag te lopen, in een verticale en nauwe spleet (10 cm). "Omlaag" dat was alvast positief en nu en dan blies koude tocht in mijn gezicht. Na 3 uur gestopt want ik was bont en blauw na 40 keer door die vernauwing te zijn gewurmd. Maar toch zeer optimistisch!

Zaterdag 19 mei 2018: behalve Geert was er nu ook duiker Stijn Schaballie. Op het programma stond er eerst een duik in de resurgentie van PLP. Stijn had Nico Hecq destijds een keer vergezeld tijdens de explo’s post-sifon en kende dus het traject. Bedoeling was om enkele radiolocaties te doen waarmee we de topo van Nico beter konden positioneren ten opzichte van de kleine grotjes aan de oppervlakte, zodat wij beter wisten waar te werken om ons een droge toegang te verschaffen. Stijn nam een ARVA (lawinebieper) mee en er was afgesproken op 2 plaatsen in de grot telkens gedurende 20 minuten uit te zenden. Geert had daartoe een strikte timing opgesteld! 
Stijn vertrekkensklaar in de resurgentie
Stijn verdween in het donkere sop en een half uur later konden wij het ARVA-signaal oppikken. Op de eerste plaats zat er zowat 5 m diepte tussen beide toestellen, op de andere plaats iets meer. Maar intussen was ik in de E1 gekropen, en in de spleet waar ik vorige zondag had gewerkt, kon ik Stijn vaag horen stommelen. Ik riep me schor maar er kwam geen antwoord. Toch was het zeker: er was hier ergens een verbinding!

Na de duik trokken we uiteraard naar de E1 waar ik intussen nog een drievoudige plop had gedaan om de toegang tot het uit te graven gangetje nog te verbreden. Ik liet Stijn het puin ruimen en daarna wat graven, maar hij kon er amper in werken want hij is nogal fors gebouwd. Ik - de kleinste- dan maar weer. Ik groef naar de nauwe spleet toe die ik vorige keer had gezien, maar na een tijd kreeg ik rechts ook iets in het vizier en dat leek breder. En na nog wat meer tijd, zag ik wat ruimte, mogelijk doordringbaar! De tocht was fel toegenomen.  Graven als gek dus, Stijn en Geert stockeerden de aarde waar ze maar konden. Na nog eens anderhalf uur had ik beter zicht op de zaak: een donker gat omgeven door grote blokken. Ik kon ze doorduwen en toen… rolde er een steen verder en die viel hoorbaar diep omlaag en dan PLONS! Hoera!
Nog een kwartier later waagde ik een poging, ik geraakte er met mijn hoofd en borst door en zag dat het goed was. Stijn moest me wel aan mijn voeten weer uit het (sterk dalende) nauwe gat trekken! Nog een half uur graven en hop ik kon er vlot doorheen. Ik kwam op een balkon, van 1 meter breed dat enkel bestond uit grote blokken die tegen een schuin plafond geklemd zaten. Tussen de blokken zag ik een grote diepte, zeker 5-6 m. Ik vreesde elke moment met heel die hangende éboulis omlaag te donderen. Na wat voorzichtig ruimwerk kon ik me eindelijk draaien, me veilig zetten om de zaak te bekijken. Ik bleek in het dak van de grote “Salle du Miroir” te zijn uitgekomen, wat een verrassing! We hadden gedacht ergens in het uiterst stroomopwaartse stuk van de Réseau Nico te belanden maar we kwamen er halverwege in uit! Stijn kwam ook eens kijken en zag dat het goed was. Maar een afdaling zat er vandaag niet meer in.

Enfin, wat een namiddag! Twee weken geleden waren we nog aan het overwegen de resurgentie leeg te pompen. En dan plots, na twee keer 3 uur graven: bingo! Kwestie van de juiste spleet te vinden. Waarom deden we dat in 1994 al niet? Ach, soms is het inderdaad een kwestie van tijd, van inzichten verwerven, volharding en veel geduld. De “E1” kon nu eindelijk een naam krijgen ook: Grotte de la Patience wordt het.
Die avond mocht de champagne open die Geert - erg vooruitziend - 's ochtends te koelen had gezet!

We kijken met plezier terug op de foto's en films van die dag (foto: Annette)
Op Zaterdag 9 juni 2018 zouden we dan eindelijk die Réseau Nico eens gaan bekijken. In de Grotte de la Patience (ex-E1) kroop ik tot op het balkon en bekeek ik de situatie eens goed: er was geen veilig doorkomen aan, dit was een zeer gevaarlijke mikado van minstens 4 enorme blokken die allen op één sleutelblok steunden: een kanjer van wel 200 kg die God weet hoe met een hoekpuntje tegen het plafond geklemd zat. Ik besloot om er voorlopig af te blijven en zag een mogelijkheid om de blokken te vermijden, door ver opzij, een stuk van het plafond te halen en zo een toegang te maken die de blokken vermeed. Twee gaten geboord, dubbele plop dus. Een half uur later kon ik zien dat het goed was en 4 ankerpunten boren om ons touw te equiperen. Nog wat later stonden Geert en ik 4 m lager, als eerste niet-duikers in de “Salle du Miroir”. En we waren best tevreden, dit leek bijna première!
Afdaling van het balkon in Salle du Miroir
Van beneden af was het pakket blokken dat op de rand van het balkon balanceerde nog intimiderender. Dat moest opgekuist worden! Maar dat was een zorg voor straks, eerst gingen we alles eens goed bekijken. De “Réseau Nico” bleek in essentie uit 2 ruime maar zeer instabiele zalen te bestaan. In Grotte Strauss zijn er mooi uitgesleten drukgangen; echter hier enkel blokkenstorten. Overal grote, wankelende blokken waarvan we er al dadelijk enkele lieten vallen.
Salle du Miroir
De Salle du Miroir was mooi vanwege de breukspiegel en de witte en okerkleurige moonmilchlaag op de wanden; de Salle Grigri dan was somber en modderig maar hier was wel de enige concretie! Hier stroomde de rivier in een brede, lage gang, naar de 3 sifons toe die de verbinding met de resurgentie vormde. Een vast touw liep in een zeer ruime cheminee omhoog: Nico en Didier Havelange hadden destijds (sept. 2011)  toch wel een huzarenstukje geleverd door deze 3 m brede en 10 m hoge schouw te beklimmen - post-sifon dan!
Salle Grigri met 1 concretie én een rivier
Via een lage doorgang en een zeer instabiele – gevaarlijke- kruipgang bereikten we de tweede rivier (inderdaad er schijnen er twee verschillende te zijn!) die uit een sifon kwam. Naast deze sifon was een blokkentoestand met wat tocht – mogelijk interessant dus. Na een uurtje hadden we alles bekeken en lonkte thuis de aperitief. 
Annette in de rivier
Terug de put op, waar ik op het balkon het sleutelblok voorzag van een plop. Indien dit blok daardoor viel, zouden de twee immense blokken die erop tegen aan leunden, ook komen, hoopte ik.
PLOP (vanop veilige afstand) en ik hoorde dadelijk dat het plan niet gelukt was. In plaats van de verwachte aardbeving van een ton blokken die 5 m omlaag viel, was er hoogstens wat gerommel. GRRR! Zorgen voor morgen dus maar hopelijk waren we niet van de regen in de drop geraakt.

’s Anderendaags, zondag 10 juni 2018, met Geert en Annette weer richting PLP. Eerst de Grotte Strauss in voor een fotosessie. En voor de eerste keer sedert haar ontdekking in 1993, werden er foto’s genomen die dit mooie grotje eer aan doen. 

De mooie drukgangen van Grotte Strauss
Daarna naar de E1/Grotte de la Patience die amper 75 m er vandaan ligt. Zoals gevreesd waren de blokken op het balkon niet gevallen, de situatie was nu levensgevaarlijk. Het grote blok dat ik had geplopt, hing nog enkel met een klein, gebarsten hoekje vast.
Met een lange koevoet probeerde ik het te doen vallen, maar ik lag in feite half doorheen een flinke vernauwing en indien dat blok viel, dan vielen de twee nog veel grotere blokken ernaast ook en daar lag ik gewoon half onder! Er zat niks anders op dan met een bang hart en koud zweet in de handen opnieuw een gat in het gammele sleutelblok te boren. Intussen maakten Geert en Annette een oppervlaktetopo vanaf de resurgentie tot aan de ingang hier (de derde topo reeds, want dat deden we ook twee keer in 1994, maar we wilden die gegevens toch nog “triplechecken”).

Oppervlaktetopo in de jungle
Wat later “plop”, gevolgd door een secondenlange reeks van dreunen en trillingen die tot buiten voelbaar waren. YES, alles lag beneden. Maar ons balkon was nu gewoon verdwenen, wat maakte dat ons nauwe uitgegraven gangetje nu ineens op de afgrond uitkwam. Het touw moest volledig verhangen worden, gelukkig had ik 4 ankers extra meegenomen!
Nogmaals in Salle du Miroir
In de grot was het plan vandaag simpel: een paar goede foto’s maken zodat het thuisfront ook eens kon zien hoe die Réseau Nico er uitzag. Daarmee waren we een uur of 2 bezig. Daarna een stukje topo vanaf een topopunt van Nico tot buiten, zodat we het hele topoplaatje compleet hadden. Daaruit bleek dan ook gauw dat er een fout van enkele meters in de topo van Nico zat, in de sifons waarschijnlijk. Met deze correctie te maken, klopte de positie van de E1/Patience ten opzichte van de Réseau Nico plots veel beter. Alles werd nu duidelijk. De Patience lag in feite naast en niet boven de Réseau Nico, zoals iedereen aanvankelijk dacht.
Paul maakt een ruwe topo (foto: Annette)
Enfin, er wacht ons in de grot nog wel wat werk. De toegang tot het balkon is nog te nauw en vooral zeer instabiel. Moet gesaneerd worden. In de Réseau Nico zijn nog enkele vraagtekens en graafmogelijkheden (maar het moet gezegd dat de duikers destijds grondig te werk zijn gegaan). En natuurlijk moet er een toposynthèse komen en is er dus flink wat topowerk in het verschiet. Tot slot is er nog flink wat hydrologisch onderzoek te doen, naar de oorsprong van de twee verschillende rivieren. Wordt dus vervolgd! Ik ben in elk geval opgetogen over de vooruitgang van de laatste maanden.

Topo-overzicht (met raster 20x20 m)

Foto's: Paul De Bie (tenzij anders vermeld)

1 opmerking :